Standpunten

Het COC legde stellingen voor aan politieke partijen die meedoen aan de Tweede Kamerverkiezingen in 2021 over negen LHBTI-emancipatiethema’s. Hieronder vind je hun antwoorden. Daarmee kun je zelf bepalen welke partij op LHBTI-gebied het best bij je past.

VVD PVV CDA D66 GroenLinks SP
PvdA ChristenUnie Partij voor de Dieren 50Plus SGP DENK
 Forum voor Democratie  JA21  Code Oranje  Bij1

LET OP: de volgende partijen zijn wel uitgenodigd om mee te doen, maar hebben (nog) geen antwoorden ingestuurd: VVD, PVV, CDA, GroenLinks, SP, PvdA, ChristenUnie, PvdD, 50Plus, SGP, Denk, FvD, JA21, Code Oranje en Bij1

 

–: zeer mee oneens -: oneens +: eens ++: zeer mee eens

 

 

 

 

1.

Algemeen

– –

+

++

A. Ambitieus beleid. Het kabinet moet een ambitieus LHBTI-emancipatiebeleid voeren om gelijke rechten en sociale acceptatie te bevorderen.
B. Tegen discriminatie. Elke vorm van discriminatie dient te worden aangepakt, of het nu is wegens seksuele oriëntatie, geslachtskenmerken, genderidentiteit, genderexpressie, geslacht, huidskleur, handicap, godsdienst, levensovertuiging of welke grond dan ook.
C. Intersectionaliteit. In het emancipatiebeleid moet er bijzondere aandacht zijn voor mensen die te maken hebben met een stapeling van non-discriminatiegronden (intersectionaliteit), bijvoorbeeld wegens hun huidskleur en genderidentiteit.
D. Grondwet. In artikel 1 van de Grondwet moet een verbod op LHBTI-discriminatie worden opgenomen, overeenkomstig het initiatiefwetsvoorstel van D66, GroenLinks en PvdA.

 

E. LHBTI-rechten. Nederland moet in de komende kabinetsperiode van de dertiende naar de eerste plaats op de ILGA Europe-ranglijst van landen waar LHBTI-rechten goed geregeld zijn.
F. Regeerakkoord. In het regeerakkoord hoort een passage over LHBTI-emancipatie.
G. Minister. LHBTI-emancipatie hoort in de portefeuille van een minister, niet van een staatssecretaris.
H. Budget. Het LHBTI-emancipatiebudget van de Rijksoverheid dient te worden verhoogd om LHBTI-emancipatie beter te bevorderen.
I. Breed beleid. In het LHBTI-emancipatiebeleid dient er onder meer aandacht te zijn voor acceptatie op de werkvloer, in de sport en op de BES-eilanden.
J. Gemeenten en provincies. De Rijksoverheid dient gemeenten en provincies met Regenbooggemeentebeleid te stimuleren om LHBTI-emancipatiebeleid te voeren.

 

 

2.

Jongeren & School

– –

+

++

A. Acceptatie bevorderen. De Rijksoverheid moet meer doen om LHBTI-acceptatie op school te bevorderen.
B. Niet afwijzen. Er moet een einde komen aan afwijzing van LHBTI’s door scholen, of het nou is met lesmethoden, identiteitsverklaringen of op welke manier dan ook.
C. Kerndoelen aanscherpen. De kerndoelen voor het onderwijs moeten zo worden aangescherpt dat acceptatie van een ieder de norm wordt, ongeacht seksuele oriëntatie, genderidentiteit, genderexpressie en geslachtskenmerken.
D. Onderwijsinspectie. De Onderwijsinspectie dient meer mogelijkheden te krijgen om in te grijpen als scholen niets of weinig doen om LHBTI-acceptatie te bevorderen.
E. Docentenopleidingen. Vaardigheden om LHBTI-acceptatie te bevorderen moeten op alle docentenacademies een verplicht onderdeel van het curriculum worden.
F. Onderwijsvrijheid inperken. De onderwijsvrijheid (artikel 23 Grondwet) moet worden ingeperkt om te zorgen dat iedereen op school zichzelf kan zijn.
G. Acceptatieplicht. Scholen in het bijzonder onderwijs moeten alle leerlingen toelaten, ongeacht bijv. hun seksuele oriëntatie, genderidentiteit, genderexpressie en geslachtskenmerken.
H. Toiletten voor iedereen. Scholen moeten naast mannen- en vrouwentoiletten ook toiletten hebben waar iedereen gebruik van mag maken.
I. Investeren. De Rijksoverheid moet investeren in initiatieven als de Gender & Sexuality Alliances (GSA’s), om acceptatie op school te bevorderen.

 

 

 

3.

Veiligheid

– –

+

++

A. Geweld aanpakken. De Rijksoverheid moet meer doen om discriminatie en geweld tegen LHBTI’s aan te pakken.
B. Zwaarder straffen. In de wet moet worden verankerd dat delicten met een discriminerende achtergrond zwaarder worden bestraft (hate crime wetgeving).
C. Discriminatierechercheurs. Bij de politie moeten discriminatierechercheurs worden aangesteld om discriminatiezaken tot op de bodem uit te zoeken.
D. Politieacademie. Op politieacademies en in bijscholing voor de politie moet de aanpak van discriminatie een verplicht onderdeel van het curriculum worden.
E. Roze in Blauw. De agenten van Roze in Blauw moeten meer tijd en geld krijgen om de LHBTI-gemeenschap optimaal te kunnen ondersteunen.
F. Internetdiscriminatie. De Rijksoverheid moet meer doen om discriminatie op internet aan te pakken.
G. Prestatieafspraken. Justitie, OM, politie en gemeenten moeten prestatieafspraken maken over de aanpak van discriminatie van LHBTI’s en andere minderheidsgroepen.
H. Schelden. Schelden met termen als ‘kankerhomo’, ‘manwijf’ of ‘vieze pot’ hoort in beginsel voldoende bewijs te zijn voor discriminatie en strafverhoging.
I. Preventie. Bij de aanpak van anti-LHBTI-geweld dient meer nadruk te liggen op preventie dan op harder straffen.
J. Mannenontmoetingsplaatsen. De overheid dient te erkennen dat mannenontmoetingsplaatsen (MOP’s) voorzien in een behoefte en moet een evenwichtig beleid voeren, gericht op zowel de veiligheid van gebruikers als op beperking van eventuele overlast voor de omgeving.

 

 

4.

Internationaal en asiel

– –

+

++

A. Topprioriteit. LHBTI-mensenrechten dienen topprioriteit te blijven in het Nederlands mensenrechtenbeleid en ontwikkelingssamenwerkingsbeleid.
B. Steun. De steun van de Nederlandse regering voor buitenlandse LHBTI-organisaties moet worden voortgezet en het budget daarvoor moet tenminste gelijk te blijven.  
C. Russische regio. Het kabinet dient te investeren in steun aan de LHBTI-beweging in de Russische regio en Centraal- en Oost Europa.
D. Hongarije en Polen. Er mogen geen Europese subsidies worden verstrekt aan landen als Hongarije en Polen, zolang zij de mensenrechten van LHBTI’s met voeten treden en de rechtsstaat uithollen.
E. Noodhulp. Het kabinet dient te bevorderen dat noodhulp aan ontwikkelingslanden, bijv. voor covid-19, ook kwetsbare groepen zoals LHBTI’s bereikt.
F. Ruimhartiger asielbeleid. Nederland moet een ruimhartiger asielbeleid voeren voor LHBTI-asielzoekers die in eigen land wegens hun seksuele oriëntatie, genderidentiteit, genderexpressie of geslachtskenmerken worden vervolgd.
G. Asiel bij strafbaarheid. LHBTI-asielzoekers uit landen waar LHBTI’s strafbaar zijn, moeten in Nederland in beginsel altijd asiel krijgen.
H. Geen veilig land. Landen waar LHBTI’s worden vervolgd, kunnen niet worden aangemerkt als ‘veilig land van herkomst’ waarnaartoe asielzoekers in het algemeen kunnen worden teruggestuurd.
I. Zelfidentificatie. Zelfidentificatie dient leidend te zijn bij beoordeling van de vraag of een asielzoeker LHBTI is.
J. Geen stereotypen. Er moet een einde komen aan het afwijzen van LHBTI-asielzoekers op basis van stereotypen, zoals het ontbreken van ‘processen van bewustwording en zelfacceptatie’.
K. Iran. LHBTI’s uit Iran dienen in beginsel altijd asiel te krijgen in Nederland, aangezien ze in dat land volgens mensenrechtenorganisaties systematisch worden vervolgd.
L. Veilige opvang. LHBTI-asielzoekers die onveiligheid ervaren in opvanglocaties, moeten, indien zij dat wensen, terecht kunnen in aparte, veilige opvangvoorzieningen (kamers, vleugels, locaties, etc.).

 

 

 

5.

Genderidentiteit, genderexpressie en geslachtskenmerken

– –

+

++

A. Verbod. Er moet een wettelijk verbod komen op medisch niet-noodzakelijke ‘feminiserende’ of ‘masculiniserende’ medische behandelingen van intersekse personen zonder hun uitdrukkelijke toestemming.
B. Transitieverlof. Om een soepele transitie te bevorderen en arbeidsmarktdiscriminatie van trans personen tegen te gaan, moeten transgender werknemers een wettelijk recht krijgen op transitieverlof, dat qua vorm vergelijkbaar is met zwangerschapsverlof.
C. Afschaffen deskundigenverklaring. De deskundigenverklaring dient te worden afgeschaft als vereiste voor wijziging van de officiële geslachtsvermelding.
D. Onder de 16. Wijziging van de officiële geslachtsvermelding moet op eenvoudige wijze mogelijk worden voor mensen onder de 16 jaar, zonder tussenkomst van de rechter.
E. Nieuwe akte. Eenieder moet de mogelijkheid krijgen om een nieuwe geboorteakte te laten inschrijven met daarop de juiste geslachtsvermelding.
F. X in paspoort. Een ieder moet de mogelijkheid krijgen om, zonder tussenkomst van de rechter, de geslachtsvermelding in officiële documenten te laten doorhalen met een ‘X’.  
G. Discriminatie strafbaar. Discriminatie op grond van geslachtskenmerken, genderidentiteit en genderexpressie dient expliciet verboden te worden in alle non-discriminatieartikelen van het Wetboek van Strafboek.
H. Geslachtsregistratie afschaffen. Officiële geslachtsregistratie door de overheid moet worden afgeschaft.
I. Geslachtsregistratie beperken. Onnodige officiële geslachtsregistratie door de overheid moet worden beperkt.
J. Emancipatiebeleid. De Rijksoverheid dient een inclusief beleid te voeren om de emancipatie van transgender-, non-binaire en intersekse personen te bevorderen.
K. Goede, snelle zorg. Er moet op meerdere plaatsen in Nederland kwalitatief goede en toegankelijke zorg zonder wachtlijsten komen voor transgender personen.
L. Geïnformeerde toestemming. Geïnformeerde toestemming moet het criterium worden voor toegang tot een medisch transitietraject, in plaats van een psychologisch onderzoek.
M. Vergoeding behandelingen. Alle individueel noodzakelijke behandelingen van geslachtskenmerken voor transgender- en intersekse personen moeten worden vergoed.

 

 

6.

Regenboogfamilies

– –

+

++

A. Meerouderschapswet. Er moet snel een goede wet voor meerouderschap en meeroudergezag komen, overeenkomstig het advies van de Staatscommissie Herijking Ouderschap.
B. Draagmoederschap. Er moet snel een goede wet voor draagmoederschap komen, overeenkomstig het advies van de Staatscommissie Herijking Ouderschap.
C. Geslachtsneutraal. Het familierecht moet zoveel mogelijk geslachtsneutraal worden geformuleerd.
D. Erven. Het is goed als mensen de mogelijkheid krijgen om zelf iemand aan te wijzen (bijvoorbeeld een goede vriend) die tegen het lage belastingtarief van hen erft.

 

 

7.

Gezondheidszorg

– –

+

++

A. Verbod ‘genezingstherapieën’. Er moet een wettelijk verbod komen op zogenaamde ‘genezingstherapieën’ waarmee gepoogd wordt de seksuele oriëntatie of genderidentiteit van mensen te veranderen.
B. Daklozenopvang. Er moet snel veilige crisisopvang komen voor dak- en thuisloze LHBTI-personen, in het bijzonder voor jongeren onder de 18 jaar.
C. Bloeddonatie. Niet de vraag met wie je seks hebt, maar of je veilige seks hebt moet bepalend zijn voor de vraag of je bloed of plasma mag doneren.
D. KID vergoeden. Kunstmatige Inseminatie met Donorzaad (KID) dient te vergoed te blijven voor vrouwenparen en single vrouwen.
E. PrEP. Hiv-preventiepil PrEP en bijbehorende zorg moeten laagdrempelig worden verstrekt aan mensen die zich tegen hiv willen beschermen.
F. Soa-tests. Iedereen in Nederland moet zich laagdrempelig, kosteloos en zonder lange wachttijden kunnen laten testen op seksueel overdraagbare aandoeningen (soa).
G. Suïcidepreventie. Suïcidepreventieprogramma’s gericht op LHBTI-personen moeten worden voortgezet.
H. Ouderen steunen. De Rijksoverheid dient te bevorderen dat er voldoende ondersteuning is voor LHBTI-ouderen.
I. Investeren. De Rijksoverheid dient (verder) te investeren in LHBTI-vriendelijke (ouderen- en jeugd-) zorginstellingen.
J. Criterium voor de zorg. Aandacht voor diversiteit en LHBTI-vriendelijkheid dient als toetsingscriterium worden toegevoegd aan de algemene kwaliteitseisen voor zorginstellingen.
K. Zorgopleidingen. Aandacht voor diversiteit en LHBTI-vriendelijkheid moet worden opgenomen in het curriculum van (ouderen- en jeugd-) zorg- en welzijnsopleidingen.

 

 

8.

Cultuur en Geloof

– –

+

++

A. Acceptatie bevorderen. Het is belangrijk dat de Rijksoverheid zich blijft inzetten voor acceptatie van LHBTI’s in biculturele en religieuze kringen.
B. Ondersteuning. De Rijksoverheid moet steun blijven bieden aan emancipatie-initiatieven van biculturele en religieuze LHBTI’s.
C. Haatpredikers. Buitenlandse predikers die aanzetten tot haat jegens LHBTI’s of andere groepen, dient de toegang tot Nederland te worden ontzegd.

 

 

9.

Bi+

– –

+

++

A. Discriminatieverbod. Discriminatie van bi+ personen dient bij wet te worden verboden, door de term ‘seksuele gerichtheid’ te introduceren in de Algemene wet gelijke behandeling, het Wetboek van Strafrecht en de Grondwet.
B. Emancipatiebeleid. De Rijksoverheid dient een inclusief beleid te voeren om de emancipatie van bi+ personen te bevorderen.

 

 

10.

Kennis en Onderzoek

– –

+

++

A. SCP-monitor. Het tweejaarlijkse SCP-onderzoek naar de houding tegenover- en leefsituatie van LHBT personen in Nederland moet worden voortgezet.
B. Specifiek onderzoek. Binnen het periodieke SCP-onderzoek naar de houding tegenover- en leefsituatie van LHBT personen, dient er meer aandacht te komen voor bi+, transgender en intersekse personen.
C. Kenniscentrum. De steun van de Rijksoverheid voor Movisie, het kenniscentrum voor o.a. lokaal LHBTI-beleid, dient te worden voortgezet.
D. IHLIA. De steun van de Rijksoverheid voor IHLIA LGBT Heritage, het archief, documentatiecentrum en geheugen van de Nederlandse LHBTI-gemeenschap, dient te worden voortgezet.